Cystic Fibrosis Related Diabetes Mellitus (CFRD)

 
Mensen met Cystic Fibrosis kunnen diabetes krijgen. Dit is meestal een andere vorm van diabetes dan bij mensen zonder CF. Het wordt Cystic Fibrosis Related Diabetes (CFRD) genoemd.

flexpen-en-solostar.gif

Als de afvoerbuizen van de alvleesklier door het taaie slijm verstopt raken, kan de alvleesklier niet goed functioneren. Dit leidt in eerste instantie tot spijsverteringsproblemen doordat de spijsverteringsenzymen niet meer in de darmen terecht kunnen komen. Op latere leeftijd leidt dit tot verlittekening van de alvleesklier. CFRD wordt veroorzaakt doordat de eilandjes van Langerhans, die ook in de alvleesklier liggen, in de verdrukking komen, kapot worden gemaakt en niet meer genoeg insuline kunnen produceren. CFRD kan kenmerken van zowel diabetes type 1 als type 2 hebben.

Symptomen die op CFRD kunnen wijzen zijn:

  • Verslechtering van de algehele gezondheid
  • Gewichtsverlies
  • Toename van infecties
  • Afname van de conditie

 
 

  • Verslechtering van de longfunctie
  • Dorst
  • Veel plassen (polyurie)

Glucosetolerantietest

Om te kijken of iemand CFRD heeft wordt meestal een glucosetolerantietest gedaan (GTT). Als de uitslag verdacht is kan de diagnose eventueel bevestigd worden met het controleren van de glucosewaarden (1 tot 2 uur na de maaltijden) of met een continu glucosemetingsysteem (CGMS)

Behandeling van CFRD

De behandeling van CFRD kan niet los gezien worden van de rest van de CF-behandeling. CFRD moet altijd behandeld worden met insuline, die onder de huid (subcutaan) wordt gespoten. De dieetadviezen bij CFRD zijn wezenlijk anders dan bij andere vormen van diabetes. Mensen met CF hebben veelal energierijke voeding nodig. Daarom is het belangrijk dat de insulinebehoefte wordt aangepast aan het bestaande dieet en niet andersom. Ook de insulinebehoefte is per individu verschillend en het is belangrijk dat het multidisciplinaire team voor iedereen een advies op maat geeft.
Tijdens het gebruik van corticosteroïden (bijvoorbeeld prednison) kan iemand met CF ook (soms tijdelijk) hoge bloedsuikers (hyperglycaemieën) hebben. Na het stoppen van de prednison zullen de bloedsuikerwaarden weer normaliseren.

Iemand met CF heeft voortdurend aandacht voor voeding, medicatie en voldoende beweging. Bij CFRD moeten een aantal nieuwe vaardigheden worden geleerd:

  • zelfcontrole en interpretatie van bloedsuiker(glucose)waarden
  • insulinetoediening

Complicaties bij CFRD

Bij CFRD kunnen complicaties in de kleine bloedvaatjes (microvasculair) optreden. 
Het gaat dan om complicaties in:

  • de ogen (retinopathie)
  • de nieren (nefropathie) en 
  • de zenuwen (neuropathie)

Bij het jaarlijks grootonderzoek in het CF-centrum moet naast bloedonderzoek ook de urine op eiwitverlies via de nieren worden onderzocht.
Oogheelkundig onderzoek vindt plaats vanaf vijf jaar na het begin van de diabetes, daarna eenmaal per twee jaar.
De neuroloog kan ingeschakeld worden als er klachten zijn.
Complicaties in de grotere vaten (macrovasculair) zoals artherosclerose (aderverkalking) zijn bij CF (nog) niet beschreven. Uit voorzorg kan bij controle op de polikliniek de bloeddruk gecontroleerd worden.

Mensen met CF en CFRD

In Nederland heeft ongeveer 30% van de volwassenen met CF ook CFRD. Vroegtijdige herkenning van CFRD is belangrijk om het verlies van longfunctie en gewichtsverlies te beperken. Kinderen met CF die een verminderde werking van de alvleesklier (exocriene pancreas disfunctie) hebben, worden vanaf hun 10e jaar getest op CFRD.


Bronnen plaatjes: Novo Nordisk en Sanofi Aventis